Archive for januari, 2012
Vakbonden kunnen licht van de zon niet blijven ontkennen
De syndicale afgevaardigden (de vertegenwoordigers van de werknemers in de syndicale overlegorganen) die maandag op de barricaden zullen staan, worden eigenlijk al betaald door de werkgevers via het syndicaal verlof. Op de koop toe krijgen zij er nog eens 30 euro bovenop van de vakbond, enkel en alleen omdat ze bereid zijn om te staken, en genieten ze ook nog een gratis busreis naar Brussel inclusief spijs en drank gedurende een ganse dag.
Dit zijn Oost-Europese toestanden. Wat is nog de democratische waarde van die staking? Het feit dat je mensen betaalt om te gaan staken, terwijl ze al betaald zijn door de werkgever via het syndicaal verlof, tart elke logica. De staking vertegenwoordigt niet de stem van het volk, maar wel van de vakbond en de zuilen.
Werkloosheidsuitkeringen
Dat België zowat het enige land ter wereld is waar de vakbonden instaan voor de uitbetaling van werkloosheidsuitkeringen, doet de scepsis over het democratisch gehalte van de vakbonden alleen maar verder toenemen.
De vakbonden krijgen jaarlijks een vergoeding louter en alleen voor het uitbetalen van de werkloosheidsuitkeringen. In 2010 bedroeg die vergoeding 167 miljoen euro. Door die vergoeding hebben de vakbonden er alle belang bij om de werkloosheid in stand te houden, terwijl het de kerntaak van de vakbond moet zijn om de rechten van de werkende mens te vrijwaren.
Het is dan ook de vraag waarom de vakbonden een tussenschakel moeten zijn bij de uitbetaling van de uitkeringen. De RVA en de gewestelijke plaatsingsdiensten (FOREM, ACTIRIS, VDAB, ADG) beschikken over voldoende middelen om die taak op zich te nemen, en op die manier kan een besparing van 167 miljoen euro geboekt worden.
Structurele hervormingen nodig
Bij de staking van 2 december bleek al dat maar weinig mensen de actie van de vakbonden een warm hart toedroegen. En terecht. De perverse effecten van de vakbondswerking zorgen er voor dat het onbehagen van de burgers tegenover de staking van maandag alleen maar groter wordt.
Het discours van de vakbonden is afgezaagd en nauwelijks onderbouwd. Akkoord dat de rechten van werknemers verdedigd moeten worden, maar ik heb echter de indruk dat de vakbonden vooral de rechten verdedigen van wie zo snel mogelijk op pensioen wil of van wie al jaren in de werkloosheid rondhangt…
De vakbonden moeten ophouden met het licht van de zon te ontkennen, en in de plaats hun steun geven aan structurele hervormingen die de werkende mensen op middellange en lange termijn ten goede komen, zodat die werkende mensen kunnen zorgen voor een sociaal vangnet voor degene die het echt nodig hebben.
Article source: http://www.ldd.be/nl/vakbonden-kunnen-licht-van-de-zon-niet-blijven-ontkennen-3366.htm
Onverantwoord vakbondsgedrag vergt tegenmaatregelen
De regering Di Rupo meent de begroting op orde te krijgen en de crisis te bezweren door enkele sociale en fiscale maatregelen door te voeren.
Jean-Marie Dedecker, voorzitter LDD: ”Voor Europa was de recente federale begroting een randgeval. Uit alle signalen blijkt immers dat onze economie zich op een keerpunt bevindt en de concurrentiekracht van onze bedrijven langzaam maar zeker achteruit boert. De geplande maatregelen van Di Rupo zijn in de ons omringende landen al lang genomen. Toch willen de vakbonden die terugschroeven. Ze begrijpen niet dat ze hierdoor met vuur spelen en ons sociaal systeem op termijn onderuit halen. Deze houding is onverantwoord en lijkt enkel ingegeven door eigenbelang.”
Lode Vereeck, Vlaams fractievoorzitter LDD: “Dat het gros van de publieke opinie op dit ogenblik de nationale staking afwijst, spreekt boekdelen. Het maakt duidelijk dat de vakbonden blind zijn voor de economische realiteit en niet bereid om broodnodige hervormingen te helpen doorvoeren. Dit staat in schril contrast met bvb. Duitsland, waar de noodzakelijke structurele maatregelen juist mét steun van de vakbonden zijn ingevoerd. Logisch dat onze oosterburen vandaag koploper in Europa zijn.”
Intussen hebben de vakbonden van de openbare diensten en andere sectoren hun deelname aan de nationale staking toegezegd met alle gevolgen vandien voor onze economie.
“LDD waarschuwt voor buitensporige acties zoals blokkades van ringwegen, bedrijventerreinen en havens of het inzetten van vliegende stakingsposten. Wij vinden dat de principes van de rechtstaat en dus ook het recht op arbeid gegarandeerd moeten worden. LDD is in dit verband ook bereid om elk doordacht wetgevend initiatief voor het invoeren van een minimale dienstverlening te steunen. In vergelijking met de meeste eurolanden, hinkt ons land hierin hopeloos achterop. Het is dus de hoogste tijd dat voor een initiatief dat onverantwoord gedrag van de vakbonden aan banden legt”, besluit Lode Vereeck.
Article source: http://www.ldd.be/nl/onverantwoord-vakbondsgedrag-vergt-tegenmaatregelen-3365.htm
Vereeck kritisch over investering van LRM (Het Laatste Nieuws, 27 januari 2012)
“De Vlaamse regering besliste eerder om niet te investeren in Ethias Finance, net omdat er een te groot risico aan verbonden was. Is de belegging dan niet risicovol voor LRM? Een schizofrene beslissing.” Volgens Vereeck heeft LRM wel voldoende middelen om te investeren maar het valt volgens hem te verwachten dat er een flinke waardevermindering zal geslikt moeten worden. “Het argument van de bevoegde minister Lieten dat er moest geïnvesteerd worden om jobs bij Ethias veilig te stellen, houdt ook al weinig steek. Die mensen zullen indien nodig heus wel ander werk vinden.” (DM)
© 2012 De Persgroep Publishing
Article source: http://www.ldd.be/nl/vereeck-kritisch-over-investering-van-lrm-het-laatste-nieuws-27-januari-2012-3361.htm
"Veroordeling Filip Meert btw-fraude was overkill" (De Morgen, 27 januari 2012)
Waarom trekt u zich het lot van Filip Meert aan? “Ik ben van 2000 tot 2008 lid geweest van de Hoge Raad van Justitie (HRJ). In de commissie Advies en Onderzoek hebben wij op een bepaald moment een klacht behandeld van Filip Meert, over de rechtsgang in zijn dossier. Ik ben me erin gaan verdiepen en heb vastgesteld dat hij een zware straf en een enorme boete heeft gekregen, en dat op basis van amper één getuigenis tegen hem. Als je Meerts veroordeling vergelijkt met gelijkaardige dossiers, dan is elke vergelijking zoek.” De HRJ heeft de klacht afgewezen. “Ik moet zeggen dat ik daar niet goed van was. Meerts veroordeling was een geval van flagrante overkill. Kijk, rechters kunnen zich vergissen. Maar men moet de moed hebben om dat ook toe te geven.” In de commissie Advies en Onderzoek zaten ook magistraten. Hebben zij hun collega’s willen beschermen? “Ik wil mij daar niet over uitspreken.” Is Filip Meert voor u onschuldig? “Daar ben ik niet van overtuigd. Het enige wat ik kan zeggen is dat zijn schuld niet afdoende is bewezen. Dat is nog iets anders. Ik maak me sterk dat de rechter een voorbeeld heeft willen stellen door hem zwaar te straffen. Ik hoop dat die man snel een nieuw proces krijgt.” Heeft het gerecht een fout gemaakt? “Goh,een fout… Het minste wat je kunt zeggen is dat de rechtbank nogal licht over zijn straf is gegaan. Of het om een gerechtelijke dwaling gaat, kun je pas na een onderzoek zeggen.” Moet er meer controle komen op de rechtspraak? “Rechters moeten in alle autonomie hun vonnis kunnen vellen. Dat is de basis van onze rechtsstaat en daar wil ik niet aan tornen. Maar met meer transparantie in de rechtbanken zouden we kunnen zien wie te zware of te lichte straffen uitspreekt. Dan moet er een alarm afgaan, zodat we de situatie kunnen rechttrekken om excessen te vermijden. De kamer in het hof van beroep die Meert veroordeelde stond bekend als ‘de bloedkamer’. Ik snap niet waarom daar niet eerder is ingegrepen.”
© 2012 De Persgroep Publishing
Article source: http://www.ldd.be/nl/veroordeling-filip-meert-btw-fraude-was-overkill-de-morgen-27-januari-2012-3362.htm
LDD Oostende pleit voor terugkeer Ryanair (Het Laatste Nieuws, 26 januari 2012)
“Inkomend toerisme is van essentieel belang voor de Oostendse economie en zeker de horecasector”, stelt Seynaeve. “De vzw Toeristische Ontsluiting West-Vlaanderen, die lagekostvliegtuigmaatschappijen naar Oostende moet halen, werkt niet naar behoren en heeft blijkbaar niet de drive om echt iets te realiseren. In plaats van politici zou iemand moeten worden aangesteld om het veld- en lobbywerk te verrichten zoals dat in Charleroi gebeurt. Op vandaag is alle tijd opgegaan in bureaucratische procedures. Daarnaast zou ook Jetairfly lowcostvluchten vanop Oostende kunnen opstarten. Zulke maatschappijen organiseren trouwens geen nachtvluchten.” Het voorstel voor het aantrekken van meer passagiersvluchten wordt gestaafd door een studie van professor Georges Allaert en Dieter Bruneel van de Universiteit Gent, die stelt dat Oostende volop voor passagiers moet gaan wil de luchthaven overlevingskansen hebben. (BPM/LBB)
© 2012 De Persgroep Publishing
Article source: http://www.ldd.be/nl/ldd-oostende-pleit-voor-terugkeer-ryanair-het-laatste-nieuws-26-januari-2012-3360.htm
LDD pleit voor afschaffing lokale meldpunten discriminatie
Het eerste evaluatierapport van het Vlaamse antidiscriminatiebeleid stelt dat de lokale meldpunten in 2010 841 meldingen registreerden. Op die basis werden 596 klachtdossiers geopend, waarvan de lokale meldpunten er 511 behandelden. De overige klachtdossiers werden rechtstreeks door het Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding afgewerkt. Ongeveer 75% van het totaal aantal meldingen (367) had betrekking op de grootsteden Gent en Antwerpen. In 9 van de 13 meldpunten werden op jaarbasis zelfs minder dan 50 dossiers geopend, dus amper één per week.
”Als men weet dat in 2010 ongeveer 500.000 euro overheidsgeld werd besteed aan de lokale meldpunten discriminatie en dat die instanties dat jaar 511 dossiers behandelden, dan komt dit neer op een kostprijs van afgerond 1000 euro per opgestart dossier. De enige rationele conclusie is dan ook dat de kosten geenszins in verhouding staan tot de baten. Daarom durf ik te pleiten voor het afschaffen van deze lokale meldpunten. Voor dergelijke klachten kan immers beter de wijkagent worden ingezet voor bemiddeling en opvolging”, aldus Boudewijn Bouckaert.
Article source: http://www.ldd.be/nl/ldd-pleit-voor-afschaffing-lokale-meldpunten-discriminatie-3357.htm
Lijst Dedecker brengt ‘Economisch Motivatieplan’ uit. ‘Er is werk aan de winkel’ (Nieuwsblad, 23/01/2012)
‘Het is van cruciaal belang dat de koopkracht in onze stad opnieuw verhoogd wordt en de voorstellen uit ons Economisch Motivatieplan moeten ervoor zorgen dat de kwaliteit van het winkelaanbod en de diversiteit in de detailhandel voor een gezonde mix zorgen’, zegt Rudy Blomme. Lijst Dedecker wijst op de kwaliteit en de diversiteit van het winkelaanbod als bepalende factor voor de aantrekkingskracht voor een brede groep bezoekers. Kim Van de Weghe: ‘De grote ketens opteren doorgaans voor de grote winkelstraten. Daarom moeten de aanloopstraten, zoals de Ooststraat, en het zwerfmilieu (straatjes en steegjes met bijzondere winkeltjes, nvdr), zoals de straten en pleinen rond de Kapellestraat ruimte bieden aan kleinschaligheid en kmo’s, maar ook fungeren als broedplaats voor specialisatie”, zegt Kim Van de Weghe. ‘De grote ketens zijn uiteraard ook belangrijk voor de stad en bieden op hun manier een meerwaarde. We moeten er ons wel bewust van zijn dat deze ketens steeds selectiever zullen worden en zich beperken tot tien à twintig grote vestigingen in de beste winkelsteden. Daarom moeten we ervoor zorgen dat we als bestuur innovatief en flexibel inspelen op nieuwe trends zodat Oostende minimaal in de top vijf van beste, en niet noodzakelijk grootste, winkelsteden in Vlaanderen komt te staan’. Lijst Dedecker vraagt in het ‘Economisch Motivatieplan’ ten slotte ook aandacht voor basisvoorzieningen als toiletten en fietsstallingen en voor het oprichten van een pakjesdepot. ‘ Het systeem van een pakjesdepot bestaat al in pretparken waar je de gekochte goederen op het eind van de dag komt ophalen op een bepaald punt. Deze service zal zeker in goede aarde vallen bij de klanten en het zou een primeur zijn waar Oostende mee kan uitpakken’, besluit Rudy Blomme
Article source: http://www.ldd.be/nl/lijst-dedecker-brengt-economisch-motivatieplan-uit-er-is-werk-aan-de-winkel-nieuwsblad-23-01-2012-3353.htm
Oppositie boos om ‘Sinterklaaspolitiek’ (Het Laatste Nieuws, 23 januari 2012)
OCMW-voorzitter Franky De Block tekende zaterdag present op de gemeenteraad om zijn budget voor te leggen. Het OCMW kan rekenen op een bijdrage van 10,7 miljoen euro bijdrage van de stad. “We nemen een aantal belangrijke nieuwe inspanningen om de kansarmoede te bestrijden. Zo wordt de dienst Algemeen Welzijnswerk gereorganiseerd, het project kansen voor kinderen wordt opgezet, er is ondersteuning in de Oostendse basisscholen en er is een energietoelage”, aldus De Block. De OCMW-voorzitter liet na opmerkingen van Groen-raadslid Wouter De Vriendt weten dat de winteropvang vanaf nu zeker elk jaar wordt georganiseerd in Oostende. De stad blijft weliswaar tegen een permanente opvang.
Dezelfde opmerkingen
De oppositie heeft elk jaar opmerkingen op het beleid van De Block. Jean-Marie Dedecker (LDD) vond het zelfs de moeite niet om hier verder op in te gaan. “We geven elk jaar dezelfde opmerkingen, maar zolang dezelfde voorzitter aanblijft zal de Sinterklaaspolitiek niet veranderen”, aldus Dedecker. Schepen van Financiën Hilde Veulemans presenteerde een stadsbudget in evenwicht. “De schuld van de stad bedraag 114 miljoen euro en blijft op hetzelfde peil als bij de start van de legislatuur.” Ze benadrukte dat er een inspanning is geleverd om de uitgaven van de stad te beperken. Toch had de oppositie heel wat bemerkingen bij de cijfers. De oproep voor een geconsolideerde rekening met ook een beeld van alle autonome gemeentebedrijven kwam zowel bij Vlaams Belang, Groen als LDD terug. Volgens Wouter De Vriendt is het bestuur te snel tevreden. Er moeten volgens hem meer initiatieven komen voor jonge gezinnen en werkgelegenheid. Ook het financiële plaatje kan beter. “In 2012 wordt twaalf miljoen geïnvesteerd, waarvoor acht miljoen euro wordt geleend. Dat is zeventig procent. Dit komt omdat het buitengewone reservefonds, een spaarpot om investeringen te doen, quasi leeg is”, aldus De Vriendt. Volgens Hilde Veulemans is het net de bedoeling dat dit fonds gebruikt wordt om te investeren.
“Grieks drama”
Jean-Marie Dedecker had zelf de oefening gemaakt om een geconsolideerde rekening op te stellen. “De cijfers die stad presenteert, zijn bedoeld om de bevolking een rad voor ogen te draaien. De realiteit is een Grieks drama. We moeten bij de cijfers ook rekening houden het met het Bedrijf voor Grond en bouwbeleid (BGB), het OCMW en alle autonome gemeentebedrijven. De finale schuldenlast valt tenslotte ten laste van de stad. De totale schuld komt volgens mijn berekeningen dan neer op 305 miljoen euro”, aldus Dedecker. In de meerderheid werden de cijfers van Dedecker door meerdere schepenen verworpen.
© 2012 De Persgroep Publishing
Article source: http://www.ldd.be/nl/oppositie-boos-om-sinterklaaspolitiek-het-laatste-nieuws-23-januari-2012-3351.htm
‘Bekende Vlaming is een scheldwoord geworden’ (Nieuwsblad op Zondag, 22 januari 2012)
Ze wordt komende dinsdag 40 jaar, ‘maar ik voel me nu mooier en evenwichtiger’. Op haar 30ste stopte la Ulla, goud op de Spelen ’96 met judo, vandaag is ze Vlaams parlementariër. Uit de agenda van Ulla Werbrouck, politica, moeder en ex-judoka: donderdag 19 januari 2012.
Het is donderdagochtend, de commissie Sport van het Vlaams Parlement, waar Ulla Werbrouck, in 2007 federaal verkozen voor de pas opgerichte Lijst De Decker, inmiddels in zetelt, is uitgesteld. Minister van Sport Philippe Muyters heeft problemen met zijn mails zeg maar en commissievoorzitter Philippe De Coene moet naar een begrafenis. Commissielid Werbrouck (LDD) werkt thuis in Lendelede verder aan haar parlementaire vragen. Over diëten bijvoorbeeld.
Vlaams Parlement
‘Blijkbaar bestaat er geen enkele beleidscontrole op die nieuwe trend van mode-diëten en baby-diëten. Niet de verantwoordelijkheid van het beleidsdomein Welzijn, heet het. Maar van wie dan wel? Elke bevoegdheid in Vlaanderen zit in een vakje en tegelijk is alles beleidsoverschrijdend. Zo zijn de belastingen op premies voor olympische medailles een zuiver federale bevoegdheid maar is sport wel Vlaamse materie, waardoor de Vlaamse minister met vragen over bijvoorbeeld belastingen op premies voor olympische medailles noodgedwongen overleg moet plegen met de federale regering, wat hij veelal niet doet.’
‘Discussie over de belasting-schalen voor topprestaties was er ook al in 1996, ja. Uiteraard moet iedereen belastingen betalen maar dan moeten diezelfde belastingschalen wel gelden voor alle sporters en moeten uitzonderlijke prestaties uitzonderlijk worden benaderd. Niet elke sporter kan immers terugvallen op een pensioenfonds zoals dat voor voetballers het geval is.’
‘En de prestaties van Fred Deburghgraeve, sedert november zonder werk, zijn toch niet te vergelijken met die van een gemiddelde eersteklassevoetballer? Zelfs niet met de Rode Duivels. Wat Fred en ik samen hebben verdiend, is maar een peulschil van wat een modale profvoetballer verdient. Maar we kwamen veel op televisie, werden BV’s en die worden als grootverdieners beschouwd. Bekende Vlaming is stilaan een scheldwoord geworden. Als ik één keer niet aanwezig ben op een hoorzitting in het Vlaams parlement, wordt daar meteen laatdunkend van gemaakt: Mevrouw Werbrouck was er wéér niet! Wablieft?, denk ik dan. De volgens de kranten zogenaamd meest actieve parlementariërs van 2011 zijn er inderdaad quasi 100% aanwezig maar stellen omzeggens nooit parlementaire vragen, dienen nooit resoluties in en drukken alleen elke woensdag trouw op het stemknopje!’
‘Vooraf dacht ik ook dat er door mijn naam meer met mijn mening zou worden rekening gehouden, maar het omgekeerde is waar. Als ik drie keer zeg ‘als ex-topsporter weet ik’. klinkt meteen in de zaal: ‘Je bent geen sporter meer. Je bent nu politica!’ Natuurlijk zit ik daar mede dankzij mijn naambekendheid uit de sport en indien Jean-Marie niet met LDD was begonnen, zat ik nu ook niet in het Vlaams parlement, ik moet daar niet flauw over doen. Maar ik zit er nu, werk hard en doe het echt graag, ook omdat men mij de dingen laat doen die ik graag doe. LDD zal mij bijvoorbeeld niet verplichten om het thema gehandicaptenzorg op te volgen. Beetje bij beetje verruim ik evenwel mijn actieterrein. Eerst enkel sport, inmiddels ook een beetje toerisme, welzijn, leefmilieu, ruimtelijke ordening, jeugd, enz. Eerlijk: de eerste twee jaar in de politiek liep ik als federaal parlementslid verloren. Pas als Vlaams parlementslid in de commissiesport heb ik mijn draai gevonden. Ik heb al enige reputatie door mijn dossierkennis en gretigheid, ik zou elke week vragen willen stellen. Dan zegt men: Ulla. temperen! Sport is blijkbaar nog steeds niet belangrijk. En beleid veranderen vraagt verdomd veel tijd, leerde ik intussen.’
Hotel mama
Het is donderdagmiddag, met dank aan Muyters kan Ulla haar drie zoons Tristan (9), Milan (7) en Kyan (5) ophalen aan school, honderd meter van haar ouderlijke huis in Emelgem (Izegem), waar ze ook elke middag eten.
”s Middags zien de kinderen mij zelden. Maar als ik naar Brussel moet, probeer ik wel elke ochtend de kinderen zelf naar school te brengen en dan nog een kop koffie te drinken bij ma en pa. En ‘s avonds probeer ik toch zoveel mogelijk thuis te zijn. Belangrijk is dat ik intussen een evenwicht heb gevonden tussen mijn job en mijn gezin. Maar wat Joëlle Milquet, minister met vier kinderen, klaarspeelt, zoals te zien was in God en Klein Pierke, dat kan ik niet. Ik denk toch dat een en ander voor de televisie wat georkestreerd was.’
‘Mijn gezin is in elk geval heel belangrijk voor mij. Ik zeg altijd: ik heb die kinderen gebaard, ik moet er ook voor zorgen. Tristan en Kyan voetballen bij Lendelede, ik probeer zoveel mogelijk te gaan supporteren. Ik zal hen niet pushen, het allerbelangrijkste is dat zij zich amuseren. Maar ik geef toe dat ik graag zou hebben dat ze in hun sport ook de top bereiken. Milan is niet zo’n sportieveling. Hij is nochtans een geboren topsporter: hij heeft het slechte karakter van zijn moeder, hij kan ook niet verliezen (lacht).’
Training teambuilding
Na de middag werkt ze nog even verder aan haar dossiers, daarna spoedt Ulla zich naar Gent waar ze als ex-topjudoka voor het uitzendkantoor Accent een training geeft waarin teambuilding centraal staat.
‘Zo sta ik nog een keer op een tatami. Ik geef ook nog gewone trainingen voor judoclubs en ik moet zeggen dat ik mijn technieken nog niet heb verleerd. En ik ben nog steeds tien keer sneller dan de modale judoka. Maar fysiek kraakt het toch allemaal wel. Twee dagen na elkaar lukt het niet meer. Ik sport eigenlijk nog nauwelijks. Ik zweet niet graag meer. Ik heb dat allemaal gehad. Het is ook een kwestie van tijd en keuzes. Elk uur voor mezelf is er geen voor de kinderen of Dimitri. Dimitri (ex-voetballer van KV Kortrijk en Deinze SK, nvdr.) is vertegenwoordiger en zat vroeger vaak in het buitenland. Precies omwille van de kinderen is hij veranderd van werk maar het is nog steeds elke week een hels plannen.’
Zo zou ik ook meer deze lessen kunnen geven, initiatielessen judo voor bedrijven met een insteek ‘mentaal teamwork’, via mijn bvba Ulla Werbrouck. De basis is: we hebben allen hetzelfde einddoel en door onderlinge en gezonde concurrentie en samenwerking bereiken we dat sneller. Door een ‘slang’ lopen kan door samenwerken 15 seconden duren maar door tegenwerken twee minuten, begrijp je? Onlangs heeft mij daar een topvoetbalclub voor gecontacteerd. Ik heb intussen contacten in Brugge, Gent, Lokeren. Ik doe dat liever in stilte, Gella was altijd iets mediatieker, hé (lacht).’
Kaap van 40 jaar
‘s Avonds spoedt ze zich opnieuw naar Lendelede, naar Dimitri en haar zoons. Een feestje wordt nog niet voorbereid, al rondt la Ulla, overmorgen dinsdag, de kaap van 40 jaar.
‘Ik hoef geen speciaal feestje. Het is ook geen probleem, die veertig. Ik doe mijn job graag, we zijn allen gezond, hebben geen financiële problemen. Ik voel mij uitstekend als werkende moeder, voel mij als vrouw zelfs mooier worden, kleed mij ook eleganter en zo.’
Ik ben ook heel blij dat ik in de liefde heb geïnvesteerd. Dat ik al van mijn 20ste een lief had, was het enige waar ik met Jean-Marie grote ambras over had. Niet te combineren met topsport, zei hij altijd. Dat is wél gelukt. Omdat Dimitri zichzelf tien jaar lang heeft weggecijferd. Dat probeer ik hem nu terug te geven. Ik besef ook nu pas hoe egoïstisch een topsporter leeft. Ik vond het maar normaal dat iedereen mijn agenda volgde, dat mijn broers en schoonouders zoveel geld betaalden om naar Atlanta te reizen. En zo heb ik nu in alles een evenwicht gevonden. Ik heb ook geen grote dromen meer. De grootste heb ik verwezenlijkt, dat olympisch goud kan niemand mij nog afpakken. De medaille hangt daar in de kast maar verder is mijn eigen sportmuseum vooral mijn eigen hoofd, boordevol mooie herinneringen’, besluit Ulla.
© 2012 Corelio
‘Het Belgisch team 2012: allemaal eilandjes’
Eerst Ingrid Berghmans, later Ulla Werbrouck en Gella Vandecaveye zetten het Belgische vrouwenjudo op de wereldkaart. Daar is de laatste tien jaar niet veel meer van overgebleven, al ziet Ulla voor Londen 2012 in Charline Van Snick wel weer een medaillekanshebber.
‘Ik vind Charline toch een groot talent. Verder stel ik vooral vast dat er na ons een andere koers werd geprobeerd die men nu probeert terug te draaien. Want zo lukt het niet: wij staan stil en de anderen gaan vooruit. Ze worden te veel gepamperd: wij moesten presteren om geld te verdienen, nu verdienen ze geld om te presteren. En dan maar blijven zeggen: het is mondialer geworden, we zijn goed bezig. Daar moet ik toch wat om lachen.’
‘Het zijn nu ook allemaal eilandjes: de groep Heylen, de groep Van Tichelt. Harry, Gella, ik. vormden een team dat elkaar beter maakte door samen te trainen, af te zien, elkaar te beconcurreren en door te supporteren voor elkaar. En Gella, Harry. zijn nog steeds vrienden’, aldus Ulla.
© 2012 Corelio
Article source: http://www.ldd.be/nl/bekende-vlaming-is-een-scheldwoord-geworden-nieuwsblad-op-zondag-22-januari-2012-3350.htm
“Er zat meer in mijn sportcarrière" (Krant van West-Vlaanderen, 20 januari 2012)
Tien jaar geleden kapte de Lendeleedse, die dinsdag veertig wordt, met topsport. Een gesprek over haar nieuwe leven en altijd opnieuw beginnen. “Ik heb niet meer de grote dromen zoals vroeger.”Tien jaar geleden kapte de Lendeleedse, die dinsdag veertig wordt, met topsport. Een gesprek over haar nieuwe leven en altijd opnieuw beginnen. “Ik heb niet meer de grote dromen zoals vroeger.”
Veertig worden doet Ulla Werbrouck niet zo veel, zegt ze. Een feestje volgt er niet, wel een
shortski met haar echtgenoot, zónder kinderen. Het is typerend voor het nieuwe leven van de ex-judoka, waar gezin, geluk en genieten tegenwoordig centraal staan. “Voor mijn dertigste stond alles in het teken van de sport, daarna is mijn gezin de rode draad geworden. Maar vraag me niet om te kiezen. Ik zou het meteen opnieuw doen: eerst de
topsport, dan het gezin en de politiek. Ik ben ontzettend blij dat ik van beide levens heb mogen proeven.” Ondanks een kapot lijf én het feit dat je door de sport voor eeuwig een controlefreak blijft? Ulla Werbrouck: “Ik ben gevormd door de sport en draag daar nog de sporen van. Ik voel dat mijn knieën, heupen en rug littekens van topsport dragen, maar mijn lichaam is niet kapot. Dat komt wellicht nog. (lachje) Het schrikt me ook niet af: ik ken ook niet-topsporters die met zulke kwaaltjes kampen. Het hoort bij ouder worden…”
“Ook mentaal voel ik de naweeën van de sport. Ik zit nog altijd even dicht als vroeger tegen de grens aan, maar leef nu wel aan de ándere kant. Wat voor 2002 helemaal niet mocht, mag nu wel. Maar alleen mondjesmaat. Niet iedere week frieten, maar slechts heel af en toe. Niet ieder weekend tot een gat in de nacht op stap, maar soms toch eens doorzakken…”
Het lijkt wel of je jezelf topsportster blijft voelen, zelfs tien jaar na je afscheid van de judowereld? “In gedachten ben ik nog judoka, maar ik sport niet meer. Ik heb er gewoon geen goesting in. Sporten ter ontspanning wordt al snel afzien. Ik heb geen zin meer in al dat zweten. Ik ben ooit begonnen met start to run, maar voor ik er erg in had, liep ik weer met de chrono in de hand. Aan die bocht wil ik die tijd hebben, na zoveel minuten moet ik daar zijn… Harder, sneller, verder…” “Idem met fietsen. Ik heb de Ronde van Vlaanderen gereden, maar blijf nu ver weg van de fiets. Het wordt meteen competitie. Een tochtje van 20 kilometer wordt er al snel een van 120 kilometer. En achteraf knaagt het dat ik er niet was voor de kinderen. Dus neem ik even geen sportieve uitdagingen meer aan. Over vijf jaar, als onze zonen wat ouder zijn, zal ik misschien opnieuw verslaafd worden aan zweet.”
Heeft judo wél nog een plaats in je leven, of ben je ook als passief sporter verzadigd?
“Mijn hart klopt nog voor de sport, maar mijn gezin én de job in de politiek laten me niet toe om nog veel aan judo te denken. Vorig jaar heb ik even judoles gegeven, maar het werd al snel te veel. Onze twee oudste zonen voetballen, vaak op verschillende locaties.
Dan moet je keuzes maken…” “Ook voor de judofederatie heb ik te weinig tijd. Ik heb vaak afspraken verzet om vergaderingen bij te wonen, maar zelfs dat wordt moeilijk. Ik probeer me in zeven bochten te wringen om er toch te geraken, maar dat lukt niet altijd.”
Het gezin gaat voor alles?
“Uiteraard. We hebben bewust voor kinderen gekozen, dus lijkt het me logisch dat zij op de eerste plaats komen. Al krijg ik soms ook kritiek: Je bent toch verkozen? Politiek is toch geen parttime jobke? Natuurlijk niet, maar quality time met de kinderen primeert.
Managers doen dat toch ook af en toe? Als je in de politiek zit, mag dat blijkbaar niet.”
“Vroeger vond ik het evident dat iedereen zich aan mijn agenda aanpaste. Nu besef ik pas hoe uitzonderlijk en veeleisend dat wel was. Trainen in Brussel of Zele? Mijn pa voerde me zonder morren. Ah ja, want ik was toch topsportster? Nu ik zelf kinderen heb, dringt het pas door hoeveel geluk ik heb gehad.”
Heb je het idee dat je alles uit je carrière hebt gehaald?
“Ik ben honderd procent tevreden met wat ik gepresteerd heb, maar er zat zeker meer in. Misschien had ik acht keer Europees kampioen kunnen worden, maar wat heb je aan die ene extra titel? Ik heb geprobeerd een evenwicht te vinden tussen de liefde en de sport. Ik
ben tot op de limiet gegaan, maar niet verder. Voor mij was dat voldoende.
Ik ben al sinds mijn twintigste samen met Dimitri en we hebben samen heel wat watertjes
doorzwommen. Had ik voor die ene extra titel gekozen, zag mijn leven er misschien anders uit. Maar zou ik gelukkiger geweest zijn? Ik betwijfel het.”
Hoe kijk je naar wat er nu in de Belgische judowereld gebeurt? Na een decennium vol topprestaties is het nu al bijna tien jaar huilen met de pet op.
“Dat doet pijn, maar de federatie heeft zelf boter op het hoofd. Atleten worden tegenwoordig te veel gepamperd. Wij moesten prestaties leveren voor we geld kregen,
nu krijgen judoka’s een contract en wordt hen gevraagd te presteren.
De tijden zijn veranderd. Ik herinner me dat ik vijfde werd op een WK en (oudzwemster
en Bloso-baas, red.) Carla Galle naar me toe stapte: Wat ga je doen? Blijven aanmodderen
of eindelijk nog eens prijzen pakken? Ik moest even slikken… Alleen medailles rechtvaardigden toen een contract. Eén keer naast het podium was voldoende om je
statuut kwijt te zijn. Dat was misschien te hard, maar het heeft wel tot resultaten geleid.”
“Maar er is meer aan de hand. Het ligt óók aan de mentaliteit, de infrastructuur,
het systeem, de sporters zelf… Vele kleine factoren leiden ertoe dat de wereldtop onbereikbaar blijft. De huidige generatie is goed, maar schiet net tekort.
Bijzonder jammer…”
Je zit in de politiek én hebt ervaring als judoka. Niemand lijkt me beter geplaatst om die negatieve spiraal te doorbreken.
“Dat hoor ik wel vaker, maar het is niet zo eenvoudig. De federaties beslissen zelfstandig, maar krijgen die autonomie wel van de overheid.
Probeer dat patroon maar eens te doorbreken… In mijn ogen is het nochtans eenvoudig: bouw een huis voor de topsport waar atleten terechtkunnen voor al hun vragen – medisch, juridisch, maar ook praktisch – én durf keuzes te maken. We zijn een klein land,
dan moet je niet proberen om in alle sporten wereldtop te zijn. Durf te kiezen en accenten te leggen, beslis in welke sporten de natie wil uitblinken en leg dat vast in
een planning met duidelijke targets.”
“Nu investeren we te veel in topsportscholen die niet eens topsporters afleveren. Er zijn in Vlaanderen meer dan 300 scholieren met zo’n topsportstatuut. Vaak is het een excuus geworden: studenten die meer dan gemiddeld zijn in hun sport kiezen voor zo’n ‘gemakkelijke’ opleiding. De topsportopleidingen missen hun doel.”
Had je verwacht dat je je zo snel thuis zou voelen in de politieke wereld?
“Ik ben in 2007 compleet onvoorbereid in de Kamer terechtgekomen. Meteen volgde de ontnuchtering. Wie traint, wordt beter en kan iets presteren. In de politiek mag je
nog perfect voorbereid zijn, de partijkaart bepaalt of je iets kan veranderen. Daarom zat ik ook niet graag in de Kamer, een enorm logge machine. Om daar iets te veranderen, heb je écht heel veel geduld nodig. Wie niet in de meerderheid zit, krijgt nooit gelijk.”
“In het Vlaams Parlement worden voorstellen uit de oppositie aanvankelijk
ook afgeschoten, maar later worden ze wel door de meerderheid herkauwd. Dat doorslagje
wordt vaak wél goedgekeurd. Dat ik vervolgens niet met de pluimen
kan gaan lopen, stoort me niet. Als het maar verandert…”
Denk je al aan je politieke toekomst?
De partij van jouw sportieve en politieke vader Jean-Marie Dedecker dreigt straks
volledig van de kaart geveegd te worden.
“Ik besef dat LDD volgens sommigen een beetje passé is, maar zolang de partij bestaat, blijf ik. Dat lijkt me logisch. Er rest ons nog twee jaar tot de nieuwe verkiezingen en dat is in de politiek een eeuwigheid. Intussen doe ik, samen met mijn collega’s in de Vlaamse fractie, al het mogelijke om ons programma te realiseren. Het kan beter worden, maar het
kan ook gedaan zijn. Kortom, over mijn politieke carrière én de toekomst
van LDD heeft de kiezer het laatste woord. Zo hoort het ook in de politiek.”
Tot slot, koester je aan de vooravond van je veertigste verjaardag nog grote dromen of ambities?
“Mijn moeder zegt altijd dat iedere leeftijd zijn charmes heeft. Ik geloof haar, zelfs als het over tien jaar plots bergaf zou gaan. Ouder worden schrikt me niet af, maar vraag het me over enkele maanden misschien nog eens.” (lacht)
“Ik word mooier en groei nog iedere dag. Dertig worden was een opstapje naar een nieuw leven, maar nu heb ik echt niet de behoefte om drastisch iets te veranderen. Ik heb niet meer de grote dromen zoals vroeger. Ik hoef geen andere man, geen ander huis
of een nieuwe partij. Eindigt mijn politieke carrière over enkele maanden, dan ga ik wel iets anders doen. De drive is er nog altijd, maar ik word blijkbaar rustiger met de jaren.”
Article source: http://www.ldd.be/nl/er-zat-meer-in-mijn-sportcarriere-krant-van-west-vlaanderen-20-januari-2012-3348.htm